Bangkok
     
 

Bangkok

Bangkok is niet alleen prachtig om te zien, maar ook om te ervaren. Deze drukke en chaotische wereldstad met wel 15 miljoen inwoners staat werkelijk tjokvol schitterend versierde tempels, monumenten, paleizen en eetgelegenheden. Het wordt dan ook niet voor niets ook wel de hoofdstad van Zuidoost-Azië genoemd. Het boeddhisme is de grootste religie en dat is echt te merken. Niet alleen aan die versierde tempels variërend van kleine altaartjes tot gigantische gebouwen, maar ook aan de traditionele monniken die je in de stad zult aantreffen. Eén van de bekendste tempels is die van de Smaragden Boeddha, een bezienswaardigheid die je niet mag missen. In deze wereldstad kun je op elke straathoek genieten van goedkoop en lekker eten, niet alleen de pittige curry’s maar de meest uiteenlopende snacks en lekkernijen. Dat houdt ‘s nachts niet op, wanneer je terechtkunt op een nachtmarkt om verder te eten en te winkelen. Bovendien zijn er vele trendy bars en clubs om nog een drankje te gaan nuttigen. Om te winkelen is Bangkok sowieso the place to be: de prijzen liggen laag en de producten zijn prachtig. De inwoners van Bangkok zijn ongelofelijk vriendelijk en behulpzaam, in het hele land trouwens: daar komt de bijnaam ‘het land van de glimlach’ vandaan. Dankzij de drukte is de hele stad een indrukwekkend geheel van voedselgeuren, culturen, geluid en pracht en praal. De Thaise naam voor Bangkok is in het kort Krung Thep, maar het heeft ook het wereldrecord voor langste officiële plaatsnaam: Krung Thep Mahanakhon Amon Rattanakosin Mahinthara Ayuthaya Mahadilok Phop Noppharat Ratchathani Burirom Udomratchaniwet Mahasathan Amon Piman Awatan Sathit Sakkathattiya Witsanukam Prasit. Groot in naam én ervaring dus.

Meer info    
     
     

Bezienswaardigheden

In Bangkok kun je absoluut niet om de tempels (Thais: ‘Wat’) heen, en dat is maar goed ook. Twee tempelcomplexen die je niet mag missen zijn Wat Arun en Wat Phra Kaeo. Deze liggen naast het voormalig koninklijk paleis, waar je nogmaals overdonderd kunt worden door de bouwstijl. In het andere koninklijk paleis, het Vimanmekpaleis, is een interessante mix ontstaan tussen Europese en Thaise bouwstijl. Voor een traditioneel Thais woonhuis ga je naar het Jim Thompson huis. Daarna kun je een stukje rust opzoeken in het Lumphini park, met 56 hectare aan natuur, of uitgebreid winkelen bij de Chatuchak-markt.

 

Tempels: Wat Arun en Wat Phra Kaeo

Tempels worden in Thailand ‘Wat’ genoemd, waardoor de meeste namen dan ook hiermee beginnen. Typisch aan Thaise tempels zijn de rijke versieringen, liefst met gouden accenten. In Bangkok zul je een hoop tempels vinden, van kleine tempeltjes tot gigantische bouwwerken. Grenzend aan het Koninklijk Paleis ligt Wat Phra Kaeo, één van de bekendste tempels van Bangkok. Vertaald is dit ‘de tempel van de smaragden Boeddha’. In een hoofdgebouw met verschillende bijgebouwen en pagodes worden de Thaise en Italiaanse bouwstijlen gecombineerd. Alles is rijkelijk versierd met goud en parelmoer patronen, wat zorgt voor een schitterend geheel. Op het gouden altaar staat een 66 cm lange smaragdgroene boeddha, hoewel hij van jade is gemaakt. Een andere tempel die je zeker moet zien is Wat Arun (tempel van de dageraad), een 82 meter hoge pagode omringd door vier kleinere pagodes. Aan de ingang staan twee enorme versierde standbeelden van bewakers met ivoorwitte zwaarden. De witgroene toren is volledig versierd met honderden bloemenmozaïeken van Chinees porselein. Je kunt tot ongeveer halverwege in de toren omhoog klimmen, wat de moeite zeker waard is: hier heb je een prachtig uitzicht op de rivier en het tempelcomplex en de perfect verzorgde omliggende tuinen. Binnen wandel je langs rijen gouden Boeddhabeelden, die elk net even anders zijn gemaakt.

 

Chatuchak markt

De Chatuchak wordt ook wel “de moeder van alle markten” genoemd, en de oorsprong van die bijnaam is snel te merken. Over een gebied van 0.1 km² staan zo’n 15000 marktkraampjes, die elke zaterdag en zondag zijn geopend. Daarom is het ook wel de ‘weekend market’ of zoals de lokale bevolking van Bangkok het noemt, JJ. Er is een ongelooflijk uiteenlopend aanbod, van huishoudelijke producten en kleding tot godsdienstige artefacten en prachtige ambachtelijke producten zoals houtsnijwerk en porselein. In één weekend zijn er gemiddeld 200.000 bezoekers per dag, waarvan 30% toeristen. De lokale bevolking is dus ook graag op de markt. Dat komt ook door de lage prijzen van de producten, ook voor de normale boodschappen. De markt heeft een eigen treinstation, bij het Chatuchak park. Ga je naar de markt, neem dan meteen even een rustig momentje in het park. Hier is een meer aangelegd waar verschillende bruggetjes overheen lopen, en het rustige stukje natuur is dan ook een geliefd plekje voor wandelaars en joggers. De grond werd geschonken door de Thaise Staatsspoorwegen, wat nog te zien is aan het treinmuseum dat in het park ligt.

 

Lumphini Park

In een drukke stad als Bangkok is een rustig stukje natuur een zeldzaam iets. Dat maakt Lumphini Park extra speciaal. Dit 56 hectare grote park bevat zeer veel groen en een groot meer waarop je met een gehuurde boot kunt rondvaren. Het park werd in de jaren ‘90 aangelegd, van het groen tot het meer. Dit is te danken aan koning Rama VI, van wie een beeld staat bij de zuidwestelijke ingang. Op de vroege ochtend, voor zeven uur, komen de Chinese inwoners van Bangkok naar het park om hier Tai chi te beoefenen. In de avond, als de temperatuur weer begint te dalen worden er gratis groepslessen aerobics gegeven. Het is ook een geliefde plek voor joggers en wandelaars. Tot voor kort leefden er wilde watervaranen in het park, maar omdat deze toch wel voor wat overlast zorgden bij de bewoners, zijn ze gevangen en ergens anders uitgezet. Dat maakt het park nu een oase van veiligheid en rust. Er zijn geen honden toegestaan in het park, bovendien mag er niet gerookt worden. Dankzij de verschillende bloemen en planten is het een goede plek voor vogels, waardoor er meer dan dertig soorten te vinden zijn.

 

Vimanmekpaleis

Het Vimanmekpaleis, ook wel het Vimanmek teakhouten herenhuis of gewoon het Vimanmek herenhuis, is een voormalig koninklijk paleis in Bangkok. In eerste instantie stond het gebouw ergens anders, maar in 1901 is het volledig opnieuw opgebouwd van goudkleurig teakhout in opdracht van de koning en prins Narissaranuwaddhiwongse. Enkel de onderste laag is gemaakt met cement. De inspiratie had hij opgedaan nadat hij in Europa op bezoek was geweest bij verschillende koninklijke paleizen. In zowel de bouwstijl als het interieur worden Europese neo-klassieke stijlen, zoals de Victoriaanse stijl, gecombineerd met traditionele Thaise motieven. Het geheel heeft twee verdiepingen, twee vleugels en bestaat uit 72 kamers. Tegenwoordig is het niet meer als paleis in gebruik, maar het is wel het grootste teakhouten gebouw ter wereld en een museum. Daar wordt koning Rama V geëerd en kun je een collectie van foto’s, kunst en artefacten bewonderen die door hem werden verzameld. Het is dan ook een combinatie van Thais erfgoed en een verzameling van cadeaus en schatten die hij heeft verworven tijdens zijn reis door Europa. Uiteraard zijn alleen al het teakhouten gebouw en de mooie tuinen, “de Dusit tuinen”, een bezoekje waard.

 

Koninklijk paleis: Phra Borom Maha Ratcha Wang

Het hoofdpaleis van de koning, Phra Borom Maha Ratcha Wang, was de residentie tot ergens in de 20e eeuw. Er hebben dan ook verschillende heersers gewoond. Het “paleis” is eigenlijk een ommuurd gebouwencomplex van zo’n 220.000 vierkante meter. De muur is in totaal dan ook 1.9 kilometer lang. Wat Phra Kawem de tempel van de Smaragdgroene Boeddha, ligt binnen deze muren. De grootste gebouwengroep wordt gevormd door de Phra Maha Monthien-gebouwen, samen de Grote Residentie. Het noordelijkste gebouw is de Amarin Winichaizaal, waar de troon van koning Rama I staat. Deze werd gebruikt als hij audiëntie hield, met het nodige officiële vertoon. Tegenwoordig wordt deze zaal nog gebruikt voor staatsceremonieën. Eraan grenzen de dinerzaal, het tweede grote gebouw en kleine aanbouwen waarin waardevolle schatten worden getoond. Het derde gebouw uit deze groep is het Dusidaphirom-paviljoen, dat door de koning werd gebouwd om zich om te kleden. Daarom is het ook verhoogd: hij kon zo makkelijker naar binnen als hij arriveerde op een olifant of in een draagkoets. De andere paviljoenen werden gebruikt als openlucht-audiëntiekamer en als ontspanningsruimte. Het hele complex zal je versteld doen staan met gouden versieringen, typische Thaise puntdaken en vooral heel veel pracht en praal.

 

Jim Thompson House

Jim Thompson was een Amerikaans majoor en zakenman. Nadat de tweede wereldoorlog was geëindigd, werd hij naar Thailand gestuurd als majoor van het Amerikaanse bezettingsleger, waar hij wegging in 1946. Hij wilde het toerisme naar Bangkok bevorderen door het Oriental Hotel op te knappen. Uiteindelijk beviel het hem zo goed, dat hij besloot in Thailand te blijven. Door de invloed van het Westen had de Thaise zijdeproductie te lijden gehad, wat hem ertoe zette zich in te spannen om de deze productie weer op gang te krijgen. In 1948 richtte hij dan ook Thai Silk Company op en zorgde hij voor de opening van verschillende winkels en productielijnen. Hij stuurde monsters van zijde naar mensen over de hele wereld, wat een regelrechte boost was voor de handel. Hij verdween echter spoorloos in maart 1967 en het is nooit duidelijk geworden wat er met hem gebeurd is. In zijn huis is ter ere van Jim Thompson een museum geopend. Hier wordt zijn persoonlijke kunstverzameling tentoongesteld, een collectie van Zuidoostelijke Aziatische kunst en Boeddha beelden. Ook het huis zelf heeft hij ontworpen, gedeeltelijk woonhuis en gedeeltelijk al museum. Hiervoor gebruikte hij teakhout van traditionele huizen en het is dan ook een perfect voorbeeld van traditionele Thaise bouwstijl.

 

Taal en inwoners

De officiële taal die gesproken wordt in Bangkok is Thais, daar uitgesproken als ‘Phasa Thai’. Het Thais kent verschillende dialecten, en het Bangkok-Thais wordt gezien als aparte taal. Het is een behoorlijk ingewikkelde taal om te leren, dankzij de 44 medeklinkers, 38 klinkers en vijf verschillende toonsoorten. Op de meeste toeristische locaties wordt (gebrekkig) Engels gesproken, waardoor het wel mogelijk is om Bangkok te bezoeken zonder een woord Thais te spreken. Daarbij is de bevolking ontzettend vriendelijk en behulpzaam, waar Thailand de bijnaam ‘het land van de glimlach’ vandaan heeft. Ze glimlachen niet alleen uit vriendelijkheid, maar ook om eventuele ongemakkelijk situaties te verzachten. Dus ook als je iets probeert te kopen of probeert af te dingen, zelfs zonder de taal te spreken, zullen ze je met hun altijd vriendelijke glimlach te woord staan. Erg mooi is de traditionele Thaise begroeting, waarbij ze hun handpalmen tegen elkaar zetten en deze naar het gezicht brengen terwijl ze licht omlaag knikken: de Wai. De grootste en actiefste godsdienst is het boeddhisme, wat door heel Bangkok zeer sterk merkbaar is. Op straat lopen monniken in saffraankleurige kleding, en zamelen voedsel in bij de gelovigen. Uiteraard zie je dat ook terug aan de vele tempels door de hele stad.

 

Vervoer

Het vervoer in Bangkok is niet alleen veelzijdig en uitgebreid, maar ook nog eens goedkoop. In het centrum rijden de ultramoderne Skytrain en de metro. Ook is er een uitgebreid busnet door de hele stad heen, en over het water varen express-boten. Om een taxi aan te houden steek je je arm schuin naar beneden, met de handpalm ook naar beneden terwijl je je vingers wiebelt. Het is onbeleefd om zoals hier je arm te strekken en een vinger omhoog te steken. De meeste taxi’s hebben meters waarmee een bedrag bijgehouden wordt. Bij taxi’s zonder meter dien je voor je vertrekt een prijs af te spreken. Kleine gedeeltes door Bangkok zijn prima te voet af te leggen, maar vanwege de hitte en de luchtvochtigheid in combinatie met de uitlaatgassen van het verkeer is het niet aan te raden lange afstanden te lopen. Zeer typisch Thais zijn de tuktuks, een gemotoriseerd karretje op drie wielen. Deze dragen behoorlijk bij aan de luchtvervuiling, maar het is wel een ideaal vervoersmiddel in het drukke Thaise verkeer: ze zijn sneller dan de taxi en de bus. Voordat je vertrekt dien je wel alvast over de prijs te onderhandelen.

 

Eten en drinken

Bij een druk leven in de grote stad hoort goed eten. Dat kan dan ook, en ook nog eens op heel veel plekken. Streetfood is bijna een nieuwe kunstvorm te noemen, met allerlei soorten noedels, rijst, pannenkoeken, soepen en de welbekende curry’s. Deze kraampjes zijn echt onderdeel van het leven, de Thai gaat namelijk elke dag uit eten. Hoewel de Thaise keuken bekendstaat als bijzonder pittig, zijn er ook genoeg gerechten voor de mensen die niet zo van het spicy food zijn. Let bij deze kraampjes wel goed op dat het eten schoon en vers is. Het is een goed idee om te letten op de locals: wat zij eten, is waarschijnlijk goed. Ook leuk en praktisch zijn de foodcourts, vooral te vinden in winkelcentra. Dit zijn allerlei verschillende keukens bij elkaar, met een gedeelde zitruimte. Hier heb je uitgebreide keus uit zeer betaalbaar eten. Voor meer luxe kun je een drankje gaan doen in een echte sky bar, met uitzicht over de stad. In een grote stad als Bangkok staat het leven ‘s nachts niet stil, en ook dan moet er gegeten worden. Daarvoor zijn de Nachtmarkten ontstaan, met uiteraard ook weer een hoop eetkraampjes.

 

Reisdocumenten en inentingen

Om in Bangkok op vakantie te gaan heb je een visum nodig. Ga je korter dan dertig dagen, dan hoef je deze niet van tevoren aan te vragen. Bij binnenkomst krijg je dan een ‘Visa-on-arrival’. Ga je vanuit een buurland het land in, dan krijg je sinds 2017 ook een visum voor dertig dagen; vroeger was dit slechts 14 dagen. Echter mag je wel nog steeds maximaal twee keer per jaar via een buurland Thailand binnenkomen. Om het land in te mogen, moet je paspoort nog tenminste zes maanden geldig zijn. Het visum dat je bij binnenkomst krijgt, bewaar je in je paspoort en wordt er weer uit gehaald als je het land verlaat. Als je vanuit een land waar gele koorts voorkomt naar Thailand reist, zoals Afrika en Zuid-Amerika, dan is een vaccinatie voor gele koorts verplicht. Verder worden een aantal inentingen sterk aangeraden, zoals DTP (Difterie, Tetanus en Polio) en Hepatitis A. Bij langere bezoeken komt daar nog buiktyfus bij. Dankzij de warmte en luchtvochtigheid leven er ook veel muggen, waardoor je ook malariamaatregelen moet treffen. Afhankelijk van je algemene gezondheid wordt aangeraden van tevoren al malariapillen moet slikken. Voor meer advies kun je terecht bij de huisarts of de GGD.

 

Valuta

In Bangkok wordt de Thaise munteenheid gehanteerd: de baht, meestal afgekort tot ‘฿’ of ‘THB’. De koers met de euro is wisselend, maar 100 baht is zo’n 2.5 euro. In één baht zit 100 satang. Vroeger waren er ook briefjes van 10 baht, maar deze worden niet meer uitgegeven. Geld pinnen kan bijna overal bij ATM’s. Er gelden wel transactiekosten om te pinnen, dus het is verstandig om niet elke transactie apart te pinnen, maar in één keer een groter bedrag te pinnen. Het gebruik van een creditcard brengt hogere kosten met zich mee dan het gebruik van een pinpas. Let op: het geld komt uit de automaat voor de bankpas. Schrik dus niet wanneer niet eerst de pas terugkomt, en vergeet vooral niet deze weer mee te nemen als je je geld hebt gepakt. Vergeet ook niet je pinpas te activeren voor pinnen buiten Europa, dit is standaard uitgeschakeld vanwege de veiligheid. Hoewel afdingen verankerd is in het leven, wordt steeds vaker een vaste prijs gehanteerd. Fooien geven (van maximaal 20 baht) wordt wel gewaardeerd, hoewel het normaal is dit alleen te doen als je het eten erg lekker vond. Bij luxere restaurants wordt al een 10% service toeslag gehanteerd, hier is een fooi niet meer nodig.