Bonaire

In het Papiaments ‘Boneiru’ genoemd en is een eiland dat gelegen is in het Caribische deel van het Koninkrijk der Nederlanden. Sinds 2010 is Bonaire, evenals Sint Eustatius en Saba (de BES-eilanden), een bijzondere gemeente die als openbaar lichaam wordt bestuurd. Een openbaar lichaam heeft een overheid die zelf bepaalde taken uitvoert binnen het eigen gebied. Bonaire ligt voor de kust van Venezuela, aan de zuidelijke kant van de Caribische Zee, en behoort tot de zogeheten ABC-eilanden (Aruba, Bonaire, Curaçao). Dit zijn de Benedenwindse Eilanden van de Kleine Antillen. Bonaire heeft een landoppervlakte van circa 288 vierkante kilometer en de hoofdstad is Kralendijk. Het eiland werd ontdekt rond het jaar 1000 na Christus door de Caiquetio indianen, die hier aankwamen vanaf Venezuela. Vandaag de dag zie je nog veel overblijfselen van deze ontdekking aan de oostzijde van het eiland bij Onima. Toen de Spanjaarden er in het jaar 1499 aankwamen maakten ze de lokale indianen tot slaven om in de Spaanse plantages van Zuid-Amerika te werken. De Spanjaarden besloten het eiland niet te koloniseren omdat er geen goud aanwezig was en er weinig landbouwmogelijkheden waren. Wel introduceerden ze er verschillende veesoorten. Dit is dan ook de reden waarom er nog steeds geiten en ezels in het wild leven. Toen de Nederlanders in het jaar 1633 het eiland wisten te veroveren op de Spanjaarden werd het eiland onder het bestuur van de West-Indische Compagnie gevoegd. Hoewel de Engelsen begin 19e eeuw tot tweemaal toe de heerschappij wisten over te nemen, werd het eiland in het jaar 1816 definitief aan Nederland toegewezen. Meteen werd toen in Kralendijk het bekende Fort Oranje gebouwd, ter bescherming van het eiland. In het jaar 1868 werd op het fort de eveneens bekende vuurtoren gebouwd. In die tijd was zout een van de grootste inkomstenbronnen van het eiland. Dat is het samen met toerisme nog steeds. Tegenwoordig staat het onder meer bekend om de adembenemend mooie natuurreservaten onderwater. Een reden waarom er vaak sportduikers te vinden zijn. Daarnaast meren er met grote regelmaat tal van cruiseschepen aan en wordt Bonaire door velen gezien als de ultieme vakantiebestemming.

Meer info    
     

Bezienswaardigheden

De reden waarom zoveel mensen juist Bonaire kiezen als vakantiebestemming heeft te maken met de bevolkingsdichtheid en de ruimte die hierdoor aan de natuur wordt geboden. Van de drie ABC-eilanden is Bonaire met circa 19.000 inwoners namelijk het dunst bevolkt. Hierdoor ben je op dit eiland verzekerd van een relaxte sfeer te midden van prachtig natuurschoon. Vooral bij mensen die van duiken en snorkelen houden staat Bonaire bovenaan het lijstje van ‘s werelds mooiste duiklocaties. Denk hierbij aan schitterende koraalriffen en indrukwekkende scheepswrakken die je je leven lang bij zullen blijven. Maar ook boven water is dit eiland meer dan de moeite waard. Dit komt niet in de laatste plaats door de fantastische flora en fauna en de temperatuur die hier het hele jaar door bijzonder aangenaam is.

Wrakduiken bij Hilma Hooker

Ten zuidwesten van de hoofdstad Kralendijk ligt het bekendste scheepswrak van het eiland, de Hilma Hooker, ook wel bekend als de ‘Happy Hooker’. Dit bijna 72 meter lange en 11 meter brede scheepswrak werd in het jaar 1984 in beslag genomen. De douane en de politie ontdekten namelijk dat er drugs aan boord waren. Tijdens het verslepen werd het schip bewust afgezonken als wrak om naar te duiken. Het wrak ligt evenwijdig aan de kant te midden van twee omvangrijke riffen en het diepste punt is op circa 34 meter gelegen. Het minst diepe punt ligt op ongeveer 10 meter. De Hilma Hooker bevindt zich relatief dicht bij de kust en wordt door drie gele boeien gemarkeerd waardoor het eenvoudig te bereiken is. Wel wordt geadviseerd om alleen als gekwalificeerd wrakduiker het scheepswrak binnen te gaan. Of anders in ieder geval onder begeleiding van een erkend duikinstructeur. Het meest gunstige tijdstip om hier te gaan duiken is voor half acht ‘s morgens. Ongeveer een uur later is het hier een stuk minder rustig door de aanwezigheid van andere duikers en duikboten. Zodra de Hilma Hooker voor je opduikt weet je waarom dit is. Het scheepswrak is bijzonder indrukwekkend om te zien en dat geldt ook voor de flora en fauna eromheen. Zo kom je in het wrak bijvoorbeeld Tarpons tegen. Dit zijn enorme vissen die opvallen door hun grote ogen en de zilverglans van hun forse schubben. Je kunt de Hilma Hooker ook vanaf de naast gelegen duikplek Angel City bereiken. Ook Angel City maakt deel uit van het dubbele rif. Hier vind je imposante koraalformaties waar je onder meer margates en snappers tegen kunt komen. In de ondiepe gedeeltes kun je bovendien inktvissen spotten. Let er op dat er roggen kunnen foerageren op de bodem, tussen de twee riffen in.

De mooiste duikplekken

Naast wrakduiken bij Hilma Hooker biedt Bonaire ook tientallen duikplekken waar je van de wonderschone onderwaterwereld kunt genieten. Neem bijvoorbeeld duikplek Cai, aan de oostkust van het eiland. Naast vele vissoorten kom je hier murene tegen, anemonen en zeewaaiers. Bij de grotgedeeltes zie je soms een verpleegstershaai, in het dieper gelegen water barracuda’s en roggen en in het zuidelijk deel schildpadden. Een heel bijzondere duikplek vind je bij Forest, gelegen aan de zuidwestelijke zijde van Klein Bonaire. Dit is de plek waar je het meeste zwart koraal tegen zult komen. Let er op dat je je bezoek aan Forest zorgvuldig plant, want hier mag maar een boot tegelijk aanmeren. Qua flora en fauna zal je hier ongetwijfeld Franse keizersvissen spotten. Ook zwemmen hier schildpadden op ongeveer 9 meter diepte. De duikplek Bloodlet dankt zijn naam aan de wal en de kust waaraan het gelegen is. Hier staan namelijk stekelige struiken, cactussen en in het water scherpe koraal. Wanneer je Bloodlet dus via de wal aan wilt doen, kun je je lelijk bezeren. Beter is om Bloodlet vanaf een boot te ontdekken. Doordat zich hier een zeer veelzijdige flora en fauna bevindt, is het ook een geliefde plek bij veel natuurfotografen. Bloodlet is voor de westkust aan de noordzijde van het eiland gelegen. Als gevorderde duiker kijk je hier je ogen uit aan kleinere vissoorten en incidenteel een barracuda. Eveneens een enorm populaire duikplek is ‘1000 steps’. Hoewel er maar 73 treden zijn, voelt het met je complete duikuitrusting aan alsof je wel 1000 treden beloopt. Maar iedere trede is de moeite meer dan waard. Je kunt hier zowel duiken als snorkelen en door het prachtige heldere water is ook ‘1000 steps’ een geweldige locatie voor fotografieliefhebbers. Op circa 25 meter diepte kom je cactuskoraal tegen en na nog eens 15 meter rijhaaien, schildpadden en zelfs dolfijnen.

Washington Slagbaai National Park

Wanneer je op Bonaire bent is een bezoek aan het Washington Slagbaai National Park absoluut de moeite waard. Dit park heeft een grootte van circa 6000 hectare en bestrijkt nagenoeg de gehele noordelijke zijde van het eiland. Vanaf de hoofdstad Kralendijk is het een half uur rijden met de auto naar het Washington Slagbaai National Park. Je kunt er iedere dag een bezoek brengen tussen 8.00 en 17.00 uur. Vanaf 14.45 uur hoef je geen entree meer te betalen. Je kunt de prachtige bezienswaardigheden van het park op diverse manieren ontdekken. Zowel met de auto, te voet als per fiets kun je hier je hart ophalen aan tal van geologische, cultuur-historische en natuurlijke schoonheden. Je vindt er rotsformaties, zoutmeren, cactuswouden, blowholes, aloëvelden en nog veel meer. Net als op het hele eiland is ook hier de flora en fauna er eentje uit duizenden. De variëteit is immens groot. Zo zuigen planten en bomen het water op dat gedurende het regenseizoen volop beschikbaar is. Hierdoor groeien er schitterende gekleurde bloemen in het park en datzelfde geldt voor diverse vruchtensoorten. Hier komen dan weer veel verschillende dieren op af. Je zult ongetwijfeld hagedissen en leguanen tegenkomen en in de lucht vliegen prachtige vogelsoorten. Als overblijfsel uit de Spaanse kolonisatietijd zijn er daarnaast veel geiten en ezels te vinden. Verder staat het Washington Slagbaai National Park bekend om de schitterende stranden waar maar liefst 5 verschillende soorten schildpadden broeden. Het park wordt beheerd door de STINAPA, de Stichting Nationale Parken Bonaire. Deze stichting is onderdeel van de DCNA, voluit Dutch Caribbean Nature Alliance. Deze organisatie heeft geen winstoogmerk maar is bedoeld om de prachtige natuur van de ABC-eilanden, Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba te beschermen. Er wordt naar gestreefd om onder meer het Washington Slagbaai National Park in oorspronkelijk staat te herstellen. Om dit te kunnen realiseren zijn inmiddels al meer dan duizend inheemse bomen herbeplant. Kortom, een bezoek aan het Washington Slagbaai National Park is een absolute aanrader tijdens je reis naar Bonaire.

Uitkijkpunten van Bonaire

Aan de rand van het Washington Slagbaai National Park vind je het grootste zoutwatermeer dat Bonaire rijk is, het Gotomeer. Hier kun je fantastisch uitkijken over het eiland. Datzelfde geldt voor de andere uitkijkpunten van Bonaire, te weten Kaya Para Mira, Altamira Ujo en Seru Largu. Het uitkijkpunt Gotomeer bevindt zich aan de oostzijde van het gelijknamige meer. Uitkijkend op het Gotomeer waan je je in prehistorische sferen, zo mooi. Dit alles komt door zowel de vegetatiesoorten die zich hier bevinden als de landschapsstructuur. Verder leeft er een grote diversiteit aan vogelsoorten waarvan de Caribische flamingo een van de bekendste is. Deze vogels zoeken in het ondiepe water naar voedsel zoals kreeftjes. Naast het Gotomeer zijn er ook bij de zoutpannen aan de zuidkant van het eiland veel Caribische flamingo’s te bewonderen. Dit is namelijk de plek waar deze vogels de eieren uitbroeden. De uitkijkpunten Kaya Para Mira en Altamira Ujo geven je een prachtige blik op het oudste dorp van het eiland, Rincon. Het uitkijkpunt Seru Largu, wat in het Papiaments de betekenis grote heuvel heeft, is circa 125 meter hoog. Seru Largu staat op de vierde plek van hoogste bergen op Bonaire. De eerste plek behoort de Brandaris toe met een hoogte van circa 240 meter, de tweede plek is voor de Yuwana berg van 165 meter en op de derde plek staat de Ser’i Palmita, met een hoogte van circa 135 meter. De gehele top 3 bevindt zich in het Washington Slagbaai National Park. Op de top van de Seru Largu berg is het uitkijkpunt gelegen. Je kunt dit uitkijkpunt bereiken met de auto. Daarnaast vind je hier, evenals bij de andere uitkijkpunten op Bonaire, diverse bankjes om uit te rusten en om van de prachtigste vergezichten te genieten. Wanneer je het uitzicht vanaf een van de toppen van de Seru Largu wilt bewonderen raden we je aan om goede wandelschoenen aan te trekken. Het kost namelijk de nodige inspanning, maar dat is het zeker waard.

     

Plaatsen op Bonaire

Met een landoppervlakte van ongeveer 288 vierkante kilometer liggen de plaatsen op Bonaire redelijk dicht bij elkaar. Toch zijn ze stuk voor stuk sterk verschillend qua uitstraling en hebben ze ieder voor zich tal van bezienswaardigheden. Uiteraard geldt dat in ieder geval voor de hoofdstad van het eiland, Kralendijk. Of wat te denken van Noord Saliña, Antriol en Nikiboko? Dit zijn voormalige dorpjes van het eiland die inmiddels worden beschouwd als wijken van de hoofdstad Kralendijk. De oudste nederzetting van Bonaire is eveneens zeer in trek bij toeristen. Dat is het dorpje Rincon, aan de noordzijde van het eiland. Rincon is niet alleen het oudste dorpje van Bonaire, maar van alle voormalige Nederlandse Antillen. Het werd namelijk gesticht door de eerste Spaanse kolonisten die het eiland aandeden.

Kralendijk

De hoofdstad van Bonaire is Kralendijk en geldt daarmee als zowel het politieke als zakelijke centrum van het eiland. Kralendijk is op ongeveer 10 minuten afstand van het vliegveld Flamingo Airport gelegen. Mocht je nu denken dat je je in Kralendijk in een hectische stad begeeft, dan heb je het mis. Er wonen ongeveer 12.500 mensen en de sfeer in het stadje heeft nog het meeste weg van die van een pittoresk dorp. Je vindt in de hoofdstad van het eiland dan ook alleen maar laagbouw van ten hoogste drie verdiepingen. Alle gebouwen en huizen hebben hierbij de vrolijke pastelkleuren waar deze Caribische eilanden zo om bekend staan. Vooral de tint flamingo-roze komt veelvuldig voor, wat waarschijnlijk te maken heeft met de vele Caribische flamingo’s die het eiland telt. Daarnaast zie je ook veel gebouwen in de pastelkleur okergeel. Dit zijn doorgaans monumentale gebouwen die de invloeden van de Nederlandse kolonisatie weerspiegelen. De naam Kralendijk is gebaseerd op het woord ‘koralendijk’ wat refereert aan de ‘dijk van koraal’ waarop het is gebouwd. Dit gebeurde in de 19e eeuw om Fort Oranje in het middenwesten van Bonaire. Het centrum van Kralendijk wordt gevormd door het Plaza Wilhelmina, met de Nederlandse naam Wilhelminaplein. Dit is een zeer geliefde ontmoetingsplek van de Bonairianen. Je vindt er dan ook diverse bankjes waar je heerlijk kunt ontspannen en genieten van de omgeving. De obelisk op het plein herinnert aan het Nederlandse kolonisatieverleden. De West Indische Compagnie zocht indertijd naar mogelijkheden om zout te oogsten en vond deze veelvuldig op dit eiland. Houd je van winkelen? Dan is de straat de Kaya Grandi een absolute aanrader. Voor een veelzijdigheid aan restaurants, barretjes en cafeetjes ga je naar de straat de Kaya J.N.E. Craane. Beide straten lopen nagenoeg parallel aan elkaar en aan de kustlijn.

Kleurrijke wijken van Kralendijk

Naast de hoofdstad Kralendijk en het oudste dorp Rincon, bestond het eiland vroeger uit nog 5 andere dorpjes. Deze dorpjes hadden de namen Noord Saliña, Antriol, Nikiboko, Tera Cora en Playa. Deze zelfde 5 dorpjes zijn inmiddels stadswijken van Kralendijk geworden. Ieder van deze wijken bestaat daarnaast weer uit diverse buurten. 19 in totaal. Stuk voor stuk zijn ze door hun unieke uitstraling een bezienswaardigheid op zich. Zo heeft de wijk Noord Saliña, wat zoutmeer betekent, 6 buurten. Dit zijn Santa Barbara, Sabadeco, Hato, Nawati Noord, Nawati Zuid en Noord Saliña. De wijk ligt op de kaart boven de zoutpannen van het eiland en telt circa 2500 bewoners. Dit zijn veelal afstammelingen van de indianen, oftewel de oorspronkelijke bewoners van het eiland. Om deze reden hebben veel woningen in deze wijk een zogeheten ‘cacique’, een hoofdtooi, als versiering. Het voormalige dorpje Antriol heeft het grootst inwonertal van de hoofdstad, namelijk rond de 4000. Hier zie je duidelijk de Spaanse en Portugese invloeden terugkomen. Ook de wijk Nikiboko is een bezoekje waard en datzelfde geldt voor Tera Cora en Playa. Tera Cora kent 3 buurten en een inwonertal van circa 1800. De naam vindt zijn oorsprong in de grond die roodgekleurd is. Aanvankelijk heette Tera Cora ‘Mundu Nobo’, oftewel de nieuwe wereld. Er woonden indertijd veel slaven. Een zeer luxe buurt van Tera Cora is Belnem. Opvallende wetenswaardigheid: deze buurt is genoemd naar Harry Belafonte, Amerikaans acteur en zanger. Ten slotte wordt de stadswijk Playa, met circa 2000 inwoners en 3 buurten, door de Bonairianen beschouwd als het centrum van de hoofdstad Kralendijk.

Rincon

Rincon is het oudste dorpje van het eiland en is gelegen in een dal in het noordwestelijke deel van Bonaire. De naam betekent ‘uithoek’ of ‘hoek’ in het Spaans. Deze benaming voert ons terug naar de 16e eeuw, toen de Spaanse kolonisten deze nederzetting bouwden om zich aan het zicht van piraten en zeerovers te onttrekken. Dit vond plaats in het jaar 1527. Dit maakt Rincon ook meteen het oudste dorpje van het gebied van voorheen de Nederlandse Antillen. De Spanjaarden vestigden hier indertijd het bestuursorgaan van het eiland. Vandaag de dag wonen er circa 1800 Bonairianen in Rincon en vanaf het heuvelgebied van dit dorpje heb je een fenomenaal uitzicht over de Caribische Zee. Wat Rincon daarnaast uniek maakt, is dat het een centrum heeft. Dit is doorgaans ongebruikelijk op deze eilanden. Daarnaast is Rincon het enige losstaande dorpje van de hoofdstad Kralendijk. Vanwege de veelzijdige historie van Rincon kun je hier je hart ophalen aan tal van bezienswaardigheden, maar ook festiviteiten. Daarnaast beleef je hier de typische Bonairiaanse cultuur en tradities. Niet voor niets dus, dat Rincon ook wel als het culture centrum van het eiland wordt betiteld. Alsof dit allemaal al niet indrukwekkend genoeg is, heeft Rincon daarnaast twee zoetwaterbronnen, de ‘Dos Pos’. Deze bronnen stimuleren de landbouwontwikkeling uitermate goed. Uiteraard kun je ook qua kerken en historische gebouwen te kust en te keur in Rincon. Er zijn twee kerken, te weten de Protestantse Kerk uit het jaar 1934 en de Sint-Ludovicus Bertranduskerk uit het jaar 1907. Voor de liefhebbers van likeur wordt een bezoek aan destilleerderij Cadushy aanbevolen. Deze destilleerderij bevindt zich in het centrum van Rincon. Dit is de enige plek ter wereld waar likeur van cactussen wordt gemaakt. Ontdek en proef het er zelf, een heerlijke smaaksensatie maakt zich van je meester.

Inwoners

Momenteel telt het eiland rond de 19.000 inwoners. Vooral in vergelijking met de andere ABC-eilanden, Aruba en Curaçao, is dit redelijk dunbevolkt. De Bonairiaanse bevolking wordt daarentegen wel gekenmerkt door een vrij grote etnische diversiteit. Circa 90 procent is Nederlands Antilliaan, afkomstig uit de Bovenwindse Antilliaanse eilanden, Aruba en Curaçao. Daarnaast wonen er Nederlanders op het eiland, evenals Venezolanen, Colombianen en Amerikanen. Verder is een deel van de bevolking van andere Caribische eilanden afkomstig, waaronder de Dominicaanse Republiek. Dit zijn doorgaans arbeidsmigranten. De gemiddelde leeftijd ligt momenteel rond de 30 jaar. Van oorsprong kent het eiland zes verschillende woonkernen. Deze staan gesymboliseerd in de Bonairiaanse vlag. Vijf van deze woonkernen zijn inmiddels aan de hoofdstad Kralendijk vastgegroeid. De enige andere overgebleven woonkern is Rincon, het oudste dorp van het eiland. Uiteraard wonen hierdoor de meeste Bonairianen in de hoofdstad Kralendijk. Qua verdeling heeft de stadswijk Antriol het grootste inwonertal met ongeveer 4000 inwoners en Tera Cora het laagste inwonertal dat rond de 1800 inwoners ligt. Ditzelfde inwonertal vind je terug in Rincon. De belangrijkste inkomstenbronnen voor de Bonairianen zijn zowel zoutwinning als het toerisme. Vooral in het zuidelijk deel van het eiland vind je natuurvriendelijke zoutwinningsinstallaties. Het eiland is bij toeristen om een grote diversiteit aan redenen in trek. Onder meer het gastvriendelijke karakter van de Bonairianen wordt zeer gewaardeerd, evenals het feit dat ze veel verschillende talen spreken. Denk hierbij aan het Papiamento, het Nederlands, het Engels en ook het Spaans. Ook muziek speelt een belangrijke rol in het leven van de Bonairianen en je hoort dan ook overal de ritmes van de merengue en de calypso voorbij komen.

Talen

De officiële taal is het Nederlands. Daarnaast wordt door bijna 65 procent van de bewoners het Papiaments gesproken. Het Papiaments is een Creoolse taalsoort die beïnvloed is door diverse andere talen zoals het Nederlands, het Spaans, het Portugees, het Engels, het Frans en zowel Indiaanse als Afrikaanse taalsoorten. Hierdoor is het niet zo heel erg verwonderlijk dat de meeste inwoners die Papiaments spreken ook de Nederlandse, Engelse en Spaanse taal machtig zijn. Qua fonetische spelling wordt op het eiland die van het Papiaments gebruikt en bijvoorbeeld niet die van het Arubaans, de etymologische spelling. Woorden eindigend op ‘mentu’, of ‘mento’, worden op het eiland als ‘men’ uitgesproken. Ook voor het woord ‘huis’ heeft het Bonairiaanse dialect een eigen variant ontwikkeld. Dit is het woord ‘Ka’ geworden. Wanneer je wilt zeggen ‘ik ga naar huis’, dan wordt dit ‘m’a bai ka’. Dit dan in plaats van het doorgaans gebruikte ‘mi ta bai kas’. Daarnaast is het gebruik van afkortingen in de spreektaal bijzonder opvallend in het Bonairiaanse dialect. Om deze reden wordt dit op andere Caribische eilanden zoals Aruba en Curaçao verkorte spraak genoemd, oftewel ‘korta palabra’. Hoewel je het misschien wel zou verwachten ligt de taalverdeling op de andere BES-eilanden, Sint Eustatius en Saba, heel anders. Het Papiaments is op Bonaire overduidelijk de meest gesproken taal. Maar op de eilanden Sint Eustatius en Saba wordt voornamelijk Engels gesproken. Bovendien varieert ook het Nederlands taalgebruik. Naast het Papiaments spreekt circa 15 procent van de Bonairiaanse bevolking de Nederlandse taal. Op Sint Eustatius geldt dat voor 5 procent van de inwoners en op Saba wordt nauwelijks tot geen Nederlands gesproken.

Vervoer

Het eiland is weliswaar niet zo heel erg groot qua landoppervlakte, maar toch kun je onmogelijk alles bewandelen. Wanneer je Bonaire dus bezoekt, wordt van harte aangeraden een auto te huren. Er wordt rechts gereden en qua regels worden de internationale verkeersregels gehanteerd. Toch moet je wel rekening houden met een andere rijstijl dan zoals je die in Nederland gewend bent. Zo moet je opletten voor overstekende dieren zoals geiten, ezels, huisdieren en ook varkens. Vooral wanneer je je in het donker op de wegen begeeft is het opletten geblazen. Dieren verstarren vaak midden op de wegen wanneer ze tijdelijk verblind worden door koplampen van auto’s. Wel worden alle afstanden in vertrouwde kilometers aangegeven en dat geldt ook voor de snelheidsbeperkingen. Deze staan op de diverse verkeersborden in kilometer per uur vermeld. Zo is de maximumsnelheid die je binnen de bebouwde kom mag rijden 40 kilometer per uur. Buiten de bebouwde kom is dit 60 kilometer per uur, mits hiervoor geen andere aanduidingen staan weergegeven. De verkeersborden zijn ofwel in de Engelse taal dan wel in het Nederlands of Papiaments. Het eiland kent hierbij twee toeristische rijroutes. De ene rijroute voert je langs de zuidelijke helft en de andere langs de noordelijke helft. Er is geen stoplicht op het eiland te bekennen dus echt lang wachten is niet aan de orde. Tenminste, wanneer je je tijdens het spitsuur niet met de auto in hartje Kralendijk begeeft. De autodichtheid is hier vooral dan erg groot waardoor weleens filevorming wil ontstaan. Qua openbaar vervoer rijdt er op Bonaire alleen een bus. Deze moet je echter bellen om er gebruik van te kunnen maken. Busdiensten zoals we in Nederland hebben, kennen ze hier niet. Wel rijden er taxi’s en kun je uiteraard ook een scooter huren om het eiland te ontdekken.

Keuken

Door de invloeden van talloze culturen kent de Bonairiaanse keuken een enorme diversiteit. Denk hierbij aan de keukens van onszelf, de Nederlanders, maar ook van Indianen, Spanjaarden en Afrikaanse slaven. Stuk voor stuk hebben deze culturen hun eigen kenmerkende gerechten meegenomen naar het eiland, wat geresulteerd heeft in de unieke ‘kushina krioyo’, oftewel de Creoolse keuken. Deze keuken bepaalt grotendeels hoe er gekookt, gebakken en gebraden wordt op het eiland. De gerechten zijn veelal voorzien van tomaten, kaneel, foelie, cassave, rijst, diverse bonensoorten, rozijnen en kokos. Dit is slechts een greep uit het brede scala aan ingrediënten die de Bonairiaanse keuken rijk is. Ook qua beschikbaarheid van vlees- en vissoorten is er op het eiland geen gebrek. Zowel geiten- als kippenvlees wordt veelvuldig als ingrediënt aan gerechten toegevoegd en deze dieren zijn volop op Bonaire aanwezig. Datzelfde geldt uiteraard voor de diversiteit aan vissoorten. In de Caribische Zee zijn tal van vissoorten, schelpdieren en ook weekdiersoorten te vinden. Op de Plasa Machi Mimi, de vismarkt van Bonaire, werd vroeger veelal in vis gehandeld. Vandaag de dag doet het vooral dienst als marktpaviljoen. Hier worden diverse soorten etenswaar verhandeld waaronder groente- en fruitsoorten. De Plasa Machi Mimi is volgens de Romeinse stijl gebouwd in het jaar 1935. Het gebouw bevindt zich in Kralendijk, langs de kade, en is je bezoek zeker waard. Bij typische Bonairiaanse gerechten moet je denken aan bijvoorbeeld stobá, stoofschotel, sòpi, oftewel soep en sòpitu, een vismaaltijd. Qua bijgerechten eten de Bonairianen regelmatig een banana hasá, een banaan die gebakken is, en funchi, wat maïsmeel betekent. Daarnaast worden ook pasteitjes, pastechi, als tussendoortjes gegeten. ‘Hopi dushi’!

Veiligheid

Bonaire geldt als een van de meest veilige eilanden in het Caribische gebied, maar het is uiteraard altijd belangrijk waakzaam te zijn voor kleine criminaliteit. Zo kunnen ook hier je zakken worden gerold, vinden er weleens inbraken plaats en wordt er zeer incidenteel drugs aangeboden. Omdat er door het kleine inwonertal veel sociale controle plaatsvindt, waan je je hier veiliger op straat dan op de andere Caribische eilanden. Toch is het raadzaam goed op je spullen te letten. Laat bijvoorbeeld geen waardevolle spullen achter op het strand wanneer je je in het water begeeft. Ditzelfde geldt voor je auto wanneer je een bezienswaardigheid bezoekt. Draag daarnaast geen opzichtige sieraden en neem ook niet teveel contant geld mee wanneer je er op uittrekt. Verder is het verstandig om je fotocamera en andere kostbaarheden niet zichtbaar achter te laten in je verblijfsaccommodatie. Gebruik hiervoor een kluisje. De meeste verblijfaccommodaties zoals hotels hebben hiervoor diverse mogelijkheden. Er zijn op het eiland geen gebieden waar je extra oplettend moet zijn, maar check voorafgaand aan je bezoek altijd even het laatste reisadvies. Hiervoor kun je terecht bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Wanneer je twijfelt over het reisadvies op hun site, neem dan altijd even persoonlijk contact op. Daarnaast is het verstandig om een reisverzekering af te sluiten indien je deze nog niet hebt. Je past deze aan op jouw specifieke reis en dat geeft je meteen een onbezorgd gevoel. Precies het juiste gevoel om mee op vakantie te gaan. Mocht je toch onverhoopt politie, een ambulance of de brandweer nodig hebben op Bonaire, dan kun je hiervoor het alarmnummer bellen. Dit is 911.

Medische info

De site van de GGD, de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst, geeft aan dat er geen verplichte vaccinaties of inentingen gelden voor een reis naar Bonaire. Dit tenzij je er naar toe reist vanaf een gebied of een land dat met een hoog risico voor gele koorts wordt aangemerkt. Dan is het wel degelijk verplicht om je voorafgaand aan je reis naar Bonaire te vaccineren. Dit geldt ook voor baby’s in de leeftijd vanaf een half jaar. Controleer dit altijd voorafgaand aan je reis. Daarbij zijn de verblijfsduur en ook de reisomstandigheden van invloed op het medisch reisadvies. Op Bonaire zelf zijn uitstekende medische voorzieningen aanwezig. In de hoofdstad Kralendijk bevindt zich een ziekenhuis en op de rest van het eiland zijn nagenoeg alle gezondheidsfaciliteiten aanwezig. Je vindt er zelfs diverse dierenartsen. Het water uit de kraan kun je probleemloos drinken. Dit water is afkomstig van het WEB, het Water- en Energiebedrijf Bonaire. Je komt op het eiland ook verschillende buitenkranen tegen, maar drink hier vooral niet uit, omdat dit niet gegarandeerd gezuiverd kan zijn. Neem bij ieder uitstapje in ieder geval een fles drinkwater mee. In de tropenzon verlies je namelijk veel vocht. Je doet er daarom verstandig aan dagelijks een paar liter water te drinken. Eet ook wat extra zout want ook bij een zouttekort kun je te maken krijgen met uitdrogingsverschijnselen. Denk hierbij aan vermoeidheid, duizeligheid en donkere urine. De zon schijnt er volop en vooral in en rondom het water kan je gauw een zonnesteek oplopen. Kies daarom altijd voor en crème met een hoge beschermingsfactor, te weten ergens tussen de 30 en 50. Ook het dragen van UV-werende kleding wordt van harte aanbevolen.

Visum

Wanneer je binnenkort op reis gaat naar Bonaire, doe je er verstandig aan om je van tevoren goed te laten informeren. Zorg er in ieder geval voor dat je voldoende verzekerd bent en raadpleeg de site van het ministerie van Buitenlandse Zaken voor reisadvies naar het eiland. Uiteraard moet je hierbij ook op praktische zaken letten, zoals of je een visum nodig hebt. Wanneer je de Nederlandse nationaliteit hebt, mag je voor een duur van maximaal een half jaar zonder visum op de BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) verblijven. Heb je een langduriger verblijf gepland staan, neem dan even contact op met de Bonairiaanse immigratiedienst. Een uitzondering hierop geldt voor wanneer je geboren bent op een van de voormalige Nederlandse Antillen en nu over de Nederlandse nationaliteit beschikt. Dan mag je je namelijk onbeperkt op de BES-eilanden ophouden en heb je dus geen visum nodig. Dat je als toerist uit Europees Nederland geen visum nodig hebt, betekent overigens niet dat je geen andere documenten bij je moet hebben. Ten eerste heb je het bewijs nodig van je retourvlucht, of een bewijs van een doorvlucht naar een andere bestemming. Dit vliegtuigticket moet je op verzoek altijd kunnen overleggen. Daarnaast moet je te allen tijde een geldig paspoort bij je hebben. Heb je niet de Nederlandse nationaliteit? Dan mag je maximaal drie maanden zonder visum op Bonaire verblijven als toerist. Wil je langer dan deze drie maanden op Bonaire blijven, of ga je er werken, dan moet je een verblijfsvergunning aanvragen.