Palermo

Voor wie niet direct Palermo weet aan te wijzen op de landkaart: zoek de “laars” van Italië op, ten zuiden daarvan ligt het eiland Sicilië en daar vind je Palermo. Sicilië betekent letterlijk “eiland met 3 punten”, Palermo vind je bij de punt linksboven. Het is de hoofdstad van de autonome Italiaanse regio Sicilië. Hoewel je bij het woord eiland al snel denkt aan knus en klein, is niets minder waar in dit geval. Met een oppervlakte van meer dan 25.000 km2 past bijvoorbeeld onze provincie Limburg zo’n 11 keer in Sicilië. Met bijna 700.000 inwoners is Palermo qua inwoneraantal zelfs de vijfde stad van heel Italië. De strategische ligging van het eiland in het brandpunt van de Middellandse zee heeft ervoor gezorgd dat er door de eeuwen heen veel verschillende culturen zijn neergestreken, zeker in het levendige Palermo. Palermo is dan ook het culturele, economische en politieke centrum van dit deel van Italië. De artistieke rijkdom van de stad met zowel Europese als oosterse trekjes is indrukwekkend. De architectuur van de stad wordt gekenmerkt door barokke, Byzantijnse, Normandische en zelfs Arabische invloeden. In het oude centrum van de stad zijn nog markten in oosterse stijl te vinden naast barokke paleizen en kerken, dit alles vaak omringd door doolhoven van smalle steegjes. Het hedendaagse Palermo is dan ook een fascinerende stad met een combi van stadshectiek, permanente verkeerschaos en gelijktijdig de ontspannen mediterrane mentaliteit van haar inwoners. Er heerst een mengeling van gemoedelijkheid, berusting en een zekere onverschilligheid, niet geheel onbegrijpelijk omdat juist in deze stad schoonheid en verval vaak vlak naast elkaar te vinden zijn.

Meer info    
     

Bezienswaardigheden

Als op één stad in Italië het woord smeltkroes van toepassing is, dan is dat op Palermo. Zelfs een leek herkent de Arabische invloeden in het Palazzo dei Normanni en de Dom van Monreale. De diverse religies die zich hier hebben afgewisseld, hebben ook hun sporen nagelaten. Behalve de kathedraal van Palermo is een bezoek aan de mummies van Palermo in de catacomben van de Kapucijnen een must. Wie zich wil ontspannen, kan naar een van de vele parken en pleinen gaan, naar de beroemde botanische tuin die reeds door Goethe werd beschreven of naar een van de rustige stranden.

Palazzo dei Normanni en Dom van Monreale

Van 1061 tot circa 1250 zijn in Palermo diverse bouwwerken gerealiseerd volgens de Arabisch-Normandische bouwstijl. Deze stijl ontstond na de Normandische verovering van Sicilië, dat op dat moment een emiraat – een Islamitische staat dus – was. Die periode begon in 827 en pas in 1091 werd Sicilië weer een Christelijk graafschap. Doordat de Normandische bezetters echter zeer tolerant tegenover de reeds aanwezige Italiaanse en Arabische ambachtslieden en kunstenaars waren, kon in Palermo deze unieke bouwstijl ontstaan. De twee meest bekende en bezochte bouwwerken in deze stijl zijn het Palazzo dei Normanni (met de Cappella Palatina) en de Dom van Monreale. Het “Paleis van de Normandiërs” wordt ook Koninklijk Paleis (Palazzo Reale) genoemd en doet tegenwoordig dienst als onderkomen van het Siciliaans parlement. De renaissancegevel aan de Torre Pisana herbergt de ingang voor politici en personeel, aan de westkant vind je de bezoekersingang. Een tweede voor deze stijl typisch bouwwerk is de Dom van Monreale. Monreale ligt 7 km ten zuidwesten van Palermo en kent een adembenemend uitzicht op de Monte Caputo. De Dom met zijn vele mozaïeken en bronzen deuren met 42 Bijbelse taferelen wordt jaarlijks door zo’n miljoen toeristen bezocht.

Kathedraal van Palermo en Piazza della Vitoria

De kathedraal van Palermo wordt vaak verwisseld met de Dom van Monreale, maar is dus een heel ander bouwwerk dat vlak in de buurt van het Pallazo dei Normanni ligt. Hoewel ook hier zowel Arabische als Normandische invloeden te herkennen zijn, gaat de vermenging van culturen in deze kerk nog ietsje verder. Zo zijn er gotische elementen, barokke toevoegingen (de koepel), maar ook typisch Catalaanse elementen te herkennen. Wie zich graag in architectuur verdiept, kan overwegen om het bouwwerk met een gids te bezoeken of in ieder geval wat lectuur bij de hand te houden. Verder zijn er in deze tegenwoordig Rooms-Katholieke kerk de nodige mensen begraven die direct met de geschiedenis van Palermo verweven zijn, waaronder enkele koningen en zelfs keizers. Je kunt er ook een schatkamer bezoeken. Voor wie niet genoeg van het bezoeken van religieuze bouwwerken kan krijgen: Palermo heeft er nogal wat. Ze liggen vaak idyllisch te midden van palmbomen aan een van de prachtige pleinen die de stad kent. Een pareltje qua interieur is bijvoorbeeld de Capella di Maria Santissima della Soledad dat gelegen is aan het in 2013 gerestaureerde Piazza della Vittoria. Dit plein in het zuiden van de stad wordt grotendeels in beslag genomen door de Villa Bonanno, een in 1905 aangelegde palmentuin.

Parco della Favorita en Monte Pellegrino

Het grootste park in Palermo is het Parco della Favorita. Het is gelegen ten noorden van het stadscentrum aan de voet van de Monte Pellegrino. Het werd in 1798 gerealiseerd door koning Ferdinand III nadat hij, opgejaagd door de Fransen, van Napels naar Palermo moest vluchten. Hij kocht er ongeveer 400 hectare land en bouwde hier zijn ballingsoord. Onder meer realiseerde hij er voor zijn echtgenote een klein paleisje, het Palazzina Cinese. Vanaf de parkingang leidt een laan met hoge hagen naar dit paleis. Tegenwoordig is het een openbaar park met tennisbanen, voetbalvelden en renbanen. Er is ook een manege, waar elk jaar in oktober het internationale springtoernooi Medicavalli plaatsvindt. Een van de gebouwen rond het paleis doet dienst als huisvesting voor het Museo Etnografico Siciliano Giuseppe Pitrè, waar je onder meer een prachtige verzameling Siciliaanse marionetten kunt bewonderen. Aan de zuidkant van het park ligt het Renzo Barbera Stadion van de voetbalclub US Palermo. De berg Monte Pellegrino is sinds de zeventiende eeuw een belangrijk pelgrimsoord omdat er in 1624 het lichaam van de eeuwen eerder overleden kluizenaar Rosalia werd gevonden. Rosalia werd niet veel later gepromoveerd tot stadsheilige. Het gebied rond de berg is beschermd natuurgebied vanwege prehistorische rotstekeningen in de 40 berggrotten.

Orto Botanico di Palermo en Giardino Garibaldi

Het gebied rond Palermo ligt in een vruchtbaar dal tussen de bergen Monte Pellegrino in het noorden en de Monte Catalfano in het oosten. Dit dal wordt Conca d’Oro genoemd (het gouden bekken) vanwege de vele sinaasappelbomen die hier ooit te vinden waren. Op deze uitzonderlijk rijke bodem werd aan het eind van de 18e eeuw ook een botanische tuin gesticht, die nog door Goethe is beschreven in zijn beroemde Italiëreis. In 1786 werd de kleine tuin verplaatst naar de huidige grotere locatie naast de Villa Giulia, een geometrisch park met fontein en zonnewijzer. In 1789 begon de échte bouw. Dufourny ontwierp het oudste gedeelte van de tuin dat werd geopend in 1795. In de jaren daarna werd het complex uitgebreid met een aquarium, een zwembad met waterplanten en de serra Maria Carolina, een enorme kas. De huidige omvang van ongeveer tien hectare werd bereikt door vele andere, vaak kleinere uitbreidingen. Sinds 1985 wordt de tuin beheerd door het Dipartimento di Scienze Botaniche en zijn er meer dan 12.000 plantensoorten te vinden. In Palermo vind je verder de Giardino Garibaldi, een klein park bij het Palazzo Chiaramonte met de grootste vijgenbomen van Europa.

Het feest van Santa Rosalia

Als je de inwoners van Palermo beter wilt leren kennen, moet je de stad bezoeken tussen 9 en 15 juli. In die periode vieren ze het feest van hun patroonheilige Santa Rosalia: een week lang optochten, theatervoorstellingen, concerten en tegen het einde een grote vuurwerkshow. Het feest wordt al sinds 1624 gevierd, tegenwoordig zelfs tot in alle uithoeken van de stad. La Processione del Carro, een processie, is het startsein van het feest. Bovenop een praalwagen van 9 meter lang staat de beeltenis van Santa Rosalia. In de processie worden talloze gebeurtenissen uit het leven van de van oorsprong Normandische stadspatrones herdacht. Het hoogtepunt van het feest vormt de nacht van 14 juli wanneer de oorspronkelijke stoet van 1624 wordt uitgebeeld. De heilige Rosalia was een Middeleeuwse kluizenaar van adellijke komaf die in 1166 in een van de grotten van de berg Monte Pellegrino overleed. Haar lichaam werd in de zomer van 1624 in de grot teruggevonden. Op 14 juli werd het stoffelijk overschot in processie door de stad gevoerd, dit zou volgens de legende Palermo hebben verlost van een pestepidemie waaraan al 30.000 inwoners van de stad waren bezweken.

De mummies van Palermo

Een van de meest macabere toeristische attracties in heel Europa vind je in de catacomben van Palermo. Hier kun je zo´n 8000 overledenen bewonderen die hier door de monniken van de abdij der Kapucijnen zijn gemummificeerd. Sommigen verblijven in een al dan niet glazen kist of op een houten rek, anderen staan gestapeld tegen de muren. Hier is een stukje geschiedenis wel op zijn plaats. In de 16e eeuw hadden de monniken niet meer genoeg plek over op hun kerkhof en groeven ze achter het altaar van de kerk enkele catacomben om in ieder geval hun eigen broeders een laatste rustplaats te geven. Die crypten sloten aan op oeroude bestaande grotten. Toen enkele lichamen niet leken te vergaan, schreven de monniken dat toe aan de hand van God en werd de crypte openbaar. Later werden ook niet-geestelijken ontvangen (inclusief de vaak riante donaties van hun families). De overledenen konden worden bezocht om bijvoorbeeld voor ze te bidden of hun hand vast te houden. In 1880 werden de crypten formeel gesloten, maar de toeristen bleven komen naar dit wonderlijke museum. Hoewel foto’s nemen ten strengste is verboden en je de mummies al helemaal niet mag aanraken, kun je de catacomben dus gewoon bezoeken.

Geschiedenis

Hoewel Feniciërs er al een nederzetting genaamd Ziz hadden, werd Palermo onder de Griekse naam Panormos bekend. Tijdens de eerste Punische Oorlog veroverde Rome de stad en noemde haar – in het Latijn – Panormus. Na bezetting door achtereenvolgens de Vandalen en Byzantijnen werd Palermo in 831 Arabisch. Hiermee startte een bloeiperiode als havenstad, rond 1050 was Palermo met 350.000 inwoners de derde stad van Europa, na Constantinopel en Córdoba. In 1072 veroverde Normandië Palermo en begon een volgende periode van bloei. Hierna werd Palermo zo ongeveer een speeltje van diverse dynastieën en verloor het aan belang. In 1861 werd het deel van het Koninkrijk Italië. Een behoorlijk deel van het historische Palermo werd vervolgens tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd. Na de oorlog werd de stad in rap tempo weer herbouwd middels vele nieuwbouwwijken aan de randen van de stad. Rond die tijd lieten ook enkele nieuwe “bezetters” van zich horen: de Siciliaanse maffia, de Cosa Nostra. Vanaf 1985, onder de “antimaffia” burgemeester Orlando, keerde echter het tij en vandaag de dag is Palermo niet meer de meest criminele gemeente van het land, de stad bevindt zich niet eens meer bij de top 20. Dit legt het toerisme geen windeieren.

Inwoners

Palermo is weliswaar geen metropool in formele zin, maar qua dynamiek doet ze nauwelijks onder voor een wereldstad. De ene toerist vindt dat vervelend, de ander kan het juist waarderen. De Palermitani (zo noemen de inwoners van Palermo zich) halen er zelf hun schouders over op. De veelbesproken verkeersdrukte en overige chaos horen erbij en maken zelfs deel uit van de charme van de stad. Dat die bijna 700.000 Palermitani zich er niet druk over kunnen maken, ligt ook aan de bewogen geschiedenis van deze smeltkroes van culturen. Palermo werd in de loop der eeuwen om beurten bezet door Grieken, Byzantijnen, Arabieren, Spanjaarden, Oostenrijkers, Fransen en uiteraard ook door Romeinen. Hoewel die laatsten dus al bijna landgenoten waren in die tijd. Al deze mensen bleven hangen op het eiland en met name in de hoofdstad, het economisch centrum. De plaatselijke bevolking moest zich dus maar aanpassen. Dit heeft geleid tot een mengelmoes van onder meer eetgewoonten en talen. Verder is Palermo ook een grote universiteitsstad met 12 faculteiten én een havenstad. Havenarbeiders en 50.000 studenten dragen daarmee ook nog eens bij aan de zeer diverse en kleurrijke samenstelling van de bevolking van Palermo.

Keuken

In oudere reisgidsen wordt nog wel eens de levensmiddelenmarkt van Palermo, La Vucciria, geroemd. Het is weliswaar nog steeds leuk om er een kijkje te nemen, maar verwacht geen Barcelonese Mercat de Sant Josep. Daarentegen is deze markt wel ’s avonds de moeite waard wanneer de uitbaters van de marktkramen zelf ook aan de BBQ gaan. Rondom de markt zijn enkele prima restaurants te vinden, zoals La Bottega del Principe of Il Cambusone. Zoals overal geldt ook hier: zie je veel Palermitani en weinig toeristen, dan is het goedgekeurd door de plaatselijke bevolking. En die kunnen het natuurlijk weten. Het prijsniveau in restaurants ligt 26% lager dan bij ons maar in augustus zijn helaas wel veel restaurants gesloten, houd daar rekening mee. En wat kun je dan zoal verwachten van de Siciliaanse gastronomie? De keuken van Palermo is, net als de stad zelf, vol contrasten. Vaak kleurrijk en exotisch, soms oprecht Italiaans. Zoals het een eiland betaamt, is de keuken verder sterk aan vis gebonden. Tonijn staat vaak bovenaan het menu, net als uiteraard pasta. De buitengewone mediterrane bodem heeft hier wijnen zoals Nero d’ Avola, Cerasuolo di Vittoria en uiteraard Marsala doen ontstaan. Daarnaast is Palermo beroemd om de grote verscheidenheid aan zoetigheid zoals cannoli, chocolade, cassata en marsepein.

Vervoer

Veel Nederlanders zullen in Palermo arriveren per vliegtuig. Op het eiland Sicilië zijn er vliegvelden in Catania, Trapani, Comiso en Palermo. Palermo beschikt over 2 vliegvelden in de buurt. Ongeveer 30 km ten noordwesten van de stad ligt het internationale vliegveld Palermo-Punta Raisi “Falcone e Borsellino”. 5 km ten westen van het stadscentrum ligt de oude luchthaven van Palermo-Boccadifalco. Verder is er een veerbootverbinding vanaf het vasteland van Messina, maar dan arriveer je dus niet in de noordoostpunt van het eiland waar Palermo zich bevindt. Er zijn al jaren plannen om de veerdienst te vervangen door een hangbrug, maar voorlopig zijn die in de ijskast beland. Reis je per auto: Palermo is verbonden met de snelweg A19 naar Catania en vervolgens de A20 naar Messina en de A29 naar Mazara del Vallo of Trapani. Voor wat betreft openbaar vervoer kun je gebruikmaken van de trein, de tram en de bus. Het treinstation Palermo Centrale in Palermo is het eindpunt van de spoorwegas Berlijn-Palermo. De belangrijkste verbinding in Sicilië is de spoorlijn met Messina. Andere verbindingen zijn met Agrigent, Catania en Trapani. Een stadsspoorwegsysteem rond de stad, de Servizio ferroviario metropolitano di Palermo, zorgt voor het lokale vervoer. Vanaf eind 2015 zijn er 4 tramlijnen in Palermo, naast diverse busdiensten.

Reisdocumenten

Hoewel Sicilië een autonome regio in Italië is, gelden er dezelfde regels als voor de rest van Italië. Er is dan ook geen visumplicht voor Nederlanders (als je in totaal slechts 90 dagen binnen een termijn van een half jaar in Italië verblijft). Wel heb je een geldig paspoort of identiteitskaart nodig. Mocht je – in Palermo aangekomen – vragen hebben, er is sinds 2016 een nummer dat je 24/7 kunt bellen: +31247-247-247 voor praktische tips en hulp. Er zijn geen vaccinaties nodig wanneer je het eiland wil bezoeken. De Europese zorgkaart dekt je spoedeisende zorgkosten in Europese landen. Het is aan te bevelen om aanvullend verzekerd te zijn. Een reisverzekering dekt standaard buitengewone kosten voor noodhulp, een onvoorziene eerdere terugreis of langer verblijf door nood. Ga je vaker op reis, dan is een doorlopende reisverzekering zeker aan te raden. Maak thuis een kopie van je paspoort en schrijf daar ook de telefoonnummers op van je verzekering en banken, om in geval van diefstal, je pasjes te kunnen blokkeren. Houd dit papier veilig en apart van je echte paspoort en pasjes. Ten slotte: in Italië kunnen aardbevingen voorkomen, blijf altijd bereikbaar in een dergelijke situatie.