Valencia

Valencia ligt aan de Costa de Azahar en is na Madrid en Barcelona de derde stad van Spanje. De stad telt een kleine 800.000 inwoners en met de omliggende erbij gerekend wonen er ruim 1.8 miljoen mensen in Valencia en omgeving. In de zomermaanden, wanneer de temperatuur oploopt en de vakantieperiodes aanbreken, bezoeken miljoenen toeristen de stad en diens regio. In 2016 verwelkomde de Communidad Valenciana in totaal 7.8 miljoen buitenlandse toeristen. Daarmee is het meteen de snelst groeiende toeristische trekpleister van Spanje. Toch is het er niet echt overdreven druk. Natuurlijk, in de zomervakantie worden ook in Valencia de stranden erg druk bezocht. Maar er zijn ook dan nog genoeg plekken waar je rust en kalmte kunt vinden in, zowel in de stad zelf als op de stranden. Het feit dat Valencia al in de tweede eeuw voor Christus, door de Romeinen, gesticht werd en in de loop der eeuwen meerdere keren verwoest en herbouwd is, betekent dat de stad nu zowel een hypermodern als een nostalgisch tintje heeft. Van de oude historische stad met smalle straatjes, pleinen en parken, tot de Ciudad de las Artes y las Ciencias met zijn moderne design gebouwen die de afgelopen dertig jaar verrezen zijn. Zij geven Valencia een unieke uitstraling. De Turia rivier, die dwars door de stad loopt en uitmond in de Middellandse Zee, draagt daar zeker aan bij. Valencia is ook een hippe stad met een actief nachtleven. Langs de boulevard bij de stadsstranden liggen diverse nachtclubs en cocktail bars waar je tot diep in de nacht kunt feesten om vervolgens op het strand lekker uit te slapen. Wil je liever een iets rustiger verblijf? Bezoek dan een van de vele musea, monumenten, parken of winkelcentra die de stad rijk is.

Meer info    
     

Bezienswaardigheden

In de jaren 70, toen Spanje uitgroeide tot een popuaire vakantiebestemming, werd Valencia in één adem genoemd met sinaasappelen. In en rondom de stad lagen, en liggen duizenden hectares met sinaasappelbomen. Maar dat is al lang niet meer de belangrijkste bezienswaardigheid van Valencia. Alleen al in de Ciudad de las Artes y las Ciencias kijk je je ogen uit en het Plaza de Toros is een stierenvechtersarena met de uitstraling van het Colosseum in Rome. Samen met de kathedraal, de Mercado Central en het natuurpark van L’Albufera is Valencia een van de mooiste toeristische regio’s van Spanje geworden.

De kathedraal van Valencia

De kathedraal van Valencia is niet te missen en een bezoek meer dan waard. Hij ligt aan het Plaza de Reina en heeft een bijzondere geschiedenis. De eerste delen van de kathedraal werden in de zesde eeuw na Christus gebouwd. Daar zijn nu nog steeds een kleine kapel en baptisterium van bewaard gebleven en te bezichtigen. Tweehonderd jaar later, toen de Noord Afrikaanse Moren over de regio heersten, werd op de plek van de kathedraal de moskee van Balansiya gebouwd om vijf eeuwen later, nadat de Moren verdreven waren, weer afgebroken te worden ten faveure van een kathedraal. De bouw startte in 1262. In de meer dan vijfhonderd jaar die daarop volgden werd de kathedraal langzaam maar zeker steeds verder uitgebreid. De meest in het oog springende details zijn de Gotische deur en koepel, de El Micalet klokkentoren en de elementen uit de Barok en Renaissance. Voor zwangere vrouwen is de kathedraal een soort van bedevaartsoort. Het verhaal gaat dat wanneer je tijdens de zwangerschap negen rondjes om de grote binnenhal loopt, vergezeld door een gebedje dat je elke ronde een keer moet opzeggen, de bevalling probleemloos zal verlopen. Bij de kathedraal vind je ook een museum met enkele tientallen kunstwerken uit onder andere de Renaissance en van Francis Goya.

Plaza de Toros

De grote stierenvechtersarena van Valencia vertoont opvallend veel gelijkenissen met het Colosseum in Rome, met dien verstande dat het Plaza de Toros nog volledig in takt en gebruik is. Nu zullen de meeste vakantiegangers geen behoefte hebben aan het bezoeken van een stierengevecht, maar de arena is het hele jaar door te bezichtigen en wordt tegenwoordig steeds vaker gebruikt voor evenementen, concerten, theatervoorstellingen en dergelijke. Matadoren en stieren vind je er alleen nog op enkele speciale Spaanse feestdagen zoals Feria de Julio en Las Fallas. De ‘sport’ sterft langzaam maar zeker uit, ook in wat met 10.000 plaatsen ooit grootste stierenvechtersarena van Spanje was. Ben je wel geïnteresseerd in de folklore van het stierenvechten? Dan kun je de bezichtiging van de Plaza de Toros afsluiten met een bezoekje aan het Museo Taurino. Daar worden kostuums en attributen van stieren en Matadoren ten toon gesteld en kun je een film bekijken over de geschiedenis van het stierenvechten. Bij het museum staat een opgezette stier en voor de Plaza de Toros staat een standbeeld van Manolo Montoliu. Hij overleed in 1982 nadat hij door een stier op de horens genomen was maar wordt nog altijd gezien als Spanje’s beste Matador van de afgelopen 120 jaar.

Mercado Central en La Lonja de la Seda

Elke dag, behalve op zondag, kun je vanaf 7 uur in de ochtend terecht bij de Mercado Central voor je dagelijkse (verse) boodschappen. Het is een van de grootste overdekte markten van Europa en wat dat betreft is het dus maar goed dat de markt tot diep in de namiddag geopend is. De eerste straatmarkt op deze plek werd in 1839 georganiseerd. Enkele tientallen jaren later werd de markt al zo drukbezocht dat de stad dringend voor uitbreiding moest zorgen. Dat bleek nogal een zware bevalling want pas in 1910 werd besloten een overdekte markt te bouwen naar een ontwerp van twee architecten Alejandro Soler March en Francisco Guardia Vial. Die bouw startte overigens pas in 1914 en toen de Mercado Central officieel geopend werd stonden de Olympische Spelen van Amsterdam al voor de deur, in 1928 dus. Niet alleen op de markt kijk je je ogen uit, ook het gebouw zelf biedt een bijzonder fraai schouwspel van glas, staal en keramiek. Als de markt sluit en de dag nog niet om is, kun je nog een paar uur doorbrengen in en om La Lonja de la Seda, Dat is de oude zijdemarkt van Valencia en het gebouw, omgeven met bijzondere beelden, staat de erfgoedlijst van UNESCO.

Ciudad de las Artes y las Ciencias

Letterlijk vertaald is dit de stad van de kunsten en wetenschappen. Een verzameling van zes architectonische hoogstandjes die allemaal hun eigen functie hebben en letterlijk bijna een eigen stad vormen. Een bezoek aan Valencia is niet compleet wanneer je deze ‘stad’ overslaat. Wil je alles bezichtigen, dan moet je daar zeker twee dagen voor uittrekken, maar je kunt natuurlijk ook een selectie maken, al zal dat moeilijk zijn. Ook al ga je niet overal naar binnen, de omgeving is op zich al de moeite meer dan waard. Het Oceanogràfic is een groot (zee)aquarium waar je meer dan 500 verschillende dieren kunt bewonderen, van pinguïn tot dolfijn en van walrus tot haai. El Hemisfèric is een van de grootste IMAX 3D bioscopen ter wereld met een scherm van 900 meter. Het gebouw lijkt van buiten op een omgekeerd schip. Liefhebbers van kunst en cultuur kunnen hun hart ophalen in het wetenschapsmuseum Pricipe Felipe en het Palau de les Arts Reina Sofia waar regelmatig opera’s, balletuitvoeringen en concerten georganiseerd worden. Hou je van rust en een terrasje pikken? Dat kan in de tuinen van het Umbracle, een Mediterraan park waar in de zomer ’s avonds een terras en openlucht disco te vinden zijn.

Zon, zee en strand

“When in Rome, do as the Romans do” kun je in Spanje vervangen door “When in Spain, go to the beach”. Valencia heeft een aantal fraaie stadsstranden die op loopafstand van het centrum liggen. Het strand van El Cabanyal, of Las Arenas, ligt het dichtstbij en ook vlak naast de jachthaven van Valencia. Aan die zijde van het ruim 1.2 kilometer lange strand liggen veel restaurants, boetiekjes en terrassen, maar die vind je verderop langs de Passeo Maritim ook in overvloed. Op het 135 meter brede zandstrand kun je lekker ‘bakken in de zon’ en er is ook meer dan genoeg te doen om de kids bezig te houden. Naast zwemmen in zee kunnen ze zich prima amuseren op een van de vele speeltoestellen die op het strand te vinden zijn. Wil je liever in een ietwat rustigere omgeving van zon, zee en strand genieten, dan is Port Sa Platja, slechts een paar kilometer noordelijker, en Pinedo Pueblo, een vissersdorp ten zuiden van Valencia echte aanraders. Ook leuk, zeker voor de Nederlanders, zijn de stranden van L’Arbre del Gos. Die worden omgeven door brede, natuurlijke duinen waarin een boulevard en diverse fietspaden aangelegd zijn. Ideaal voor fietsers, wandelaars en skaters. Ofwel, de Kennemerduinen, maar dan altijd met goed weer.

Natuurpark L’Albufera

Natuurliefhebbers moeten zeker ook een dag, of twee, reserveren voor een bezoek aan L‘Albufera. Een beschermd natuurgebied met zoetwater lagune van 21.000 hectare waar tienduizenden vogels en andere diersoorten leven. Een heus walhalla voor vogelaars. Daarvoor zijn zelfs speciale uitkijkhutten neergezet Verrekijker vergeten? Geen nood, in het bezoekerscentrum van het park kun je die huren. In het meer van L’Albufera leeft veel paling die je dan ook op menukaarten in restaurants rondom het park en in Valencia zelf, volop tegenkomt. Je kunt het park op eigen gelegenheid bezoeken, te voet of met een fiets die je er kunt huren. Bedenk wel dat vissen verboden is. Dat mogen alleen inwoners van El Palmar die minstens 22 jaar én getrouwd zijn. Elk jaar worden de beschikbare visvergunningen opnieuw verloot. Vroeger kwamen alleen mannen daarvoor in aanmerking, maar inmiddels mogen vrouwen ook meedoen. Je kunt het park ook te voet verkennen onder begeleiding van een gids. Die brengt je naar de meest fraaie plekken en vertelt je er alles over. Of maak een boottocht bij zonsondergang in een Albuferenc, een traditionele lokale zeilboot. Het drassige gebied rondom de lagune leent zich ook prima voor de verbouwing van rijst voor de traditionele Paella. De uitgestrekte rijstvelden zijn bijzonder fotogeniek wanneer ze net bewaterd zijn.

Eten en Drinken

Paella is een typisch Spaans rijstgerecht maar Valencia is de stad van waaruit paella Spanje, en grote delen van de rest van de wereld veroverd heeft. In tegenstelling wat sommigen misschien denken wordt de traditionele, en dus originele, Paella Valenciana niet gemaakt met vis en schelpdieren maar met vlees van kip en konijn. Inmiddels zijn er heel veel andere soorten paella, die je allemaal in Valencia kunt proberen, ook al zijn die formeel niet trouw gebleven aan het originele paella recept. De rijst voor de paella wordt in de omgeving van Valencia, rondom het meer van Albufera, verbouwd. Uit dat meer wordt ook veel paling gevist dus verwacht ook zeker veel paling gerechten op de menukaarten van lokale restaurants. Waar je wel even aan zult moeten wennen zijn de tijden waarop in Valencia gegeten wordt. De meeste Spanjaarden eten ’s middags, rond 14u hun belangrijkste warme maaltijd van de dag. Dan zijn dus ook alle restaurants open. De avondmaaltijd zoals wij die in Nederland kennen, staat in Valencia pas vanaf 21u op tafel. Dat komt deels omdat men ’s middags zwaar getafeld heeft en deels vanwege de hitte en het andere leef ritme dat daardoor ontstaan is.

Vervoer

Voor een vakantie of stedentrip naar Valencia zul je hoogstwaarschijnlijk het vliegtuig nemen. Met de auto is de stad ook prima bereikbaar, maar dan moet je wel rekening houden met een reis die minimaal twee dagen duurt. Vanuit Utrecht is het ruim 1850 kilometer. Voor een gemiddelde benzineauto kost een retour zo’n 550 euro aan brandstof en tol. Andere kosten (eten, drinken, slapen) zijn afhankelijk van het aantal personen die meereizen. Een rechtstreekse vlucht naar Aeroport Manises vanuit Schiphol, een van de andere Nederlandse vliegvelden, Zaventem (Brussel) of Düsseldorf duurt gemiddeld twee en een half uur. Vervolgens moet je nog een half uur tot drie kwartier uittrekken voor het vervoer naar het stadscentrum. Valencia heeft een zeer uitgebreid metronetwerk. Vanuit de luchthaven rijden zelfs twee metrolijnen naar de stad zelf. Het metrostation van de luchthaven bevindt zich op slechts enkele minuten lopen van de aankomst- en vertrekhallen. Tijdens je verblijf in de stad kun je dus ook het beste gebruik maken van de metro of benenwagen. Voor de metro kun je zogenoemde 10-ritten kaarten krijgen of tickets die meerdere dagen geldig zijn. Bij de informatiebalie op de meeste metrostations kun je je goed laten informeren welke kaartjes voor jou het meest geschikt zijn.

Klimaat

Net zo als alle Mediterrane vakantiegebieden heeft ook Valencia een subtropisch klimaat. Maar omdat de stad een stuk zuidelijker ligt dan bijvoorbeeld de Cote d’Azur en Costa Brava komt de temperatuur in Valencia het hele jaar door niet onder het vriespunt en is het ook een ideale stad voor overwinteraars. Temperaturen van rond de 20 graden zijn geen uitzondering in de maanden december tot en met februari. De zomers in Valencia zijn heet en zonnig. In de maanden juni, juli en augustus valt er nauwelijks neerslag en komt de temperatuur overdag vrijwel altijd rond of boven de 30 graden uit. Voordeel is wel dat er vaak een oostelijk briesje van zee waait waardoor het minder warm aanvoelt. Dat is echter ook het moment dat je de zonnebrandcrème rijkelijk moet gebruiken. Om aan de grootste hitte te ontsnappen kun je een bezoek aan Valencia het beste in de periode mei-juni of september-oktober plannen. Juli en augustus zijn de heetste maanden, met nauwelijks neerslag. Wanneer je in de vroege lente naar Valencia gaat, hou dan wel rekening met het feit dat het zeewater in die periode nog aan de frisse kant zal zijn. Gemiddeld zo’n 14 graden. In de zomermaanden, tot en met oktober, loopt die op tot ca. 25 graden.

Taal en veiligheid

Spanje kent, net al veel andere landen, verschillende dialecten. Hoewel Valencia een eigen autonome regio is en niet bij Catalonië hoort wordt er wel Catalaans gesproken. Formeel wordt het dialect Valenciaans genoemd, maar de verschillen met het Catalaans beperken zich tot de spelling en uitspraak van bepaalde woorden. Zoals in de meeste toeristische gebieden kun je je met Engels en eventueel Duits of Frans ook prima redden. Valencia is een bijzonder rustige en veilige stad. Het heeft qua bekendheid voor onverlaten niet de allure, en aantrekkingskracht van andere middelgrote toeristensteden. Toch moet je ook in Valencia wel op je hoede zijn voor zakkenrollers en gelegenheidsdieven die het vooral op toeristen gemunt hebben. Daarom geldt ook in Valencia dat het verstandig is om je beurs niet in je achterzak te stoppen maar in een riem om je middel, of veilig in een tas. Laat de ritsen van tassen en rugzakken niet openstaan en leg je smartphone of camera nooit onbeheerd, ook niet voor heel even, op een tafel als je in een restaurant of op een terras gaat zitten. Mocht er toch iets gebeuren, dan is het goed om te weten dat 112 ook in Spanje het algemeen alarmnummer is.

Reisinfo: drinkwater, elektriciteit en de smartphone

Je kunt in Valancia probleemloos uit de kraan drinken. De smaak van het water is echter niet zo heel erg neutraal waardoor de meeste toeristen, maar ook lokale bevolking, ervoor kiest om flessenwater uit de supermarkt te gebruiken. De bijsmaak van het kraanwater verdwijnt overigens wanneer je het kookt, bijvoorbeeld om koffie of thee te maken. We gaan tegenwoordig met veel meer elektrische spullen en gadgets op vakantie. De tijd van de föhn en het scheerapparaat is voorbij. We nemen onze smartphones, tablet, elektrische tandenborstel en nog veel meer mee. In Spanje, en Valencia, zijn de stopcontacten en stekkers gelijk aan die hier in Nederland. Een adapter of reisstekker heb je dus niet nodig. Heb je veel apparaten bij je? Overweeg dan ook een verdeelstekkerdoos in je bagage te stoppen. In veel hotels heb je op een kamer vaak maar een paar stopcontacten. Valencia ligt binnen de grenzen van de Europese Unie en dat betekent dus ook dat je sinds 15 juni 2017 geen roaming kosten voor het gebruik van je smartphone of tablet via het mobiele netwerk meer hoeft te betalen. Hou er wel rekening mee dat de (4G) netwerkdekking in Spanje nog niet zo goed is als hier in Nederland.